CIS

Bij de afwijzing van een schade-uitkering komt het regelmatig voor dat verzekeringsmaatschappijen persoonsgegevens van een verzekerde laten registreren bij Stichting CIS te Zeist. Dit is in (heel) veel gevallen niet terecht.

De registratie in het externe verwijzingsregister bij Stichting CIS (ook wel de zwarte lijst genoemd) is bedoeld voor verzekerden die bewust over de schreef zijn gegaan ten opzichte van de verzekeraar. Het gaat bijvoorbeeld om verzekerden die negatief betrokken zijn geweest bij een brand of verzekerden die hebben geprobeerd de verzekeraar opzettelijk te misleiden. Gevolg van een externe registratie is dat het voor de verzekerde moeilijk c.q. onmogelijk is om (elders) nieuwe verzekeringen elders af te sluiten.

Verzekeraars kunnen pas overgaan tot registratie bij Stichting CIS indien er sprake is van een gedraging die een bedreiging vormt of kan vormen voor de belangen van de verzekeraar of de continuïteit en/of integriteit van de financiële sector. Voor het extern registreren van personalia van de verzekerde gelden hoge criteria. Gerechtshof Arnhem bracht het eerder werd met betrekking tot een door verzekeraar gedane registratie in het externe verwijzingsregister bij Stichting CIS het navolgende overwogen:

“Het hof stelt voorop dat opname in, met name, het externe verwijzingsregister van de Stichting CIS voor de betrokkene verstrekkende consequenties kan hebben. Alle deelnemende financiële instellingen kunnen immers door toetsing in het externe verwijzingsregister vaststellen dat er sprake is van opname in het incidentenregister van (een) andere deelnemer(s). Vervolgens is het mogelijk dat zij om nadere informatie omtrent opname kunnen vragen. Het gevolg hiervan kan zijn dat niet alleen de deelnemer die tot opname in het incidentenregister is overgegaan, maar ook andere deelnemers hun (financiële) diensten aan de opgenomen persoon zullen weigeren. Tegen deze achtergrond is het hof van oordeel dat hoge eisen dienen te worden gesteld aan de grond(en) van Delta Lloyd voor opname van [appellant] in de registers.”

Bij registratie van persoonsgegevens is terughoudendheid geboden. Een verzekeraar die tot registratie overgaat zal de gerechtvaardigde overtuiging moeten hebben dat door de betrokkene is gefraudeerd. Een vermoeden van fraude is daartoe niet voldoende. Voorts moet de verzekeraar een afweging maken van het belang van de verzekeringsbranche bij een dergelijke registratie en het belang van de betrokkene om juist niet te worden geregistreerd. De verzekeraar is gehouden te onderzoeken of door de bijzondere omstandigheden van het concrete geval, zoals de geringe ernst van het bedrog of de betrekkelijk geringe gevolgen ervan, registratie onevenredig hard zou zijn.

Het komt regelmatig voor dat een externe registratie als onrechtmatig wordt beoordeeld en dat de verzekeraar op straffe van verbeurte van een dwangsom wordt verplicht de registratie ongedaan te maken. Neemt u contact met ons op om uw zaak door te nemen.

Contactpersonen

Verzekeringsadvocaat mr. M. (Mark) Ripmeester
ripmeester@verzekeringsadvocaten.nl
010-206 20 50